SanoTest

Hoe betrouwbaar is een vruchtbaarheidstest voor thuis?

Wat een nauwkeurigheid van 96 procent wel en niet betekent, waarom een drempelwaarde geen meting is, en wanneer de uitslag je op het verkeerde been zet.

Op vrijwel elke verpakking staat een percentage. Bij onze eigen test staat 96 procent. Dat getal zegt minder dan je denkt, en de manier waarop het minder zegt is precies waar je op moet letten.

Een drempelwaarde is geen meting

Dit is het belangrijkste punt van dit artikel. Een thuistest geeft je geen getal. Hij geeft je een antwoord op één vraag: zit je spermaconcentratie boven of onder de drempelwaarde van de test?

Een laboratorium telt. Dat levert "22 miljoen per milliliter" op. Een thuistest vergelijkt, en levert "boven de grens" of "onder de grens" op. Zit je net boven de drempel of ver erboven — dat zie je niet. En die twee situaties betekenen heel verschillende dingen voor je kans op een zwangerschap.

Ter vergelijking: de Wereldgezondheidsorganisatie houdt in de zesde editie van haar handboek (2021) een onderste referentiewaarde aan van 16 miljoen zaadcellen per milliliter. Dat is een referentiewaarde en geen vruchtbaarheidsgrens — mannen eronder verwekken kinderen, en mannen erboven blijven soms jaren zonder zwangerschap.

Wat die 96 procent betekent

Het is de mate waarin de test het eens is met een laboratoriumtelling op dezelfde monsters, in de validatie van de fabrikant. Dus: bij ongeveer 96 van de 100 monsters komt de test tot hetzelfde oordeel als het lab, boven of onder de grens.

Wat het dus niet betekent: dat jouw uitslag met 96 procent zekerheid klopt. Monsters die vlak bij de drempelwaarde liggen zijn veel vaker fout dan monsters die er ver vandaan liggen. Zit je rond de grens, dan is de kans op een verkeerde uitkomst flink groter dan dat percentage suggereert.

Waar het in de praktijk misgaat

De meeste onjuiste uitslagen komen niet door de test maar door het monster. Vier dingen bepalen bijna alles:

  1. Onthoudingsperiode. Twee tot zeven dagen. Korter en je concentratie is kunstmatig laag, veel langer en de kwaliteit gaat juist achteruit.
  2. Het volledige monster opvangen. Het eerste deel van een ejaculatie bevat de meeste zaadcellen. Mis je dat, dan meet je iets anders dan je denkt.
  3. De mengverhouding met de vloeistof uit de bijsluiter. Dit is de stap waar het het vaakst misgaat.
  4. Aflezen op de aangegeven tijd. Niet eerder, niet een uur later.

Daar komt nog iets bij dat niets met de test te maken heeft: je spermakwaliteit zélf schommelt. De aanmaak van zaadcellen duurt ongeveer drie maanden, dus een griep met koorts, een hete zomer, een zware periode of een nieuw medicijn werkt met maanden vertraging door in je uitslag. Twee testen van dezelfde man in hetzelfde kwartaal kunnen eerlijk verschillen.

Het verschil tussen een gemiste en een onterechte uitslag

Deze twee fouten zijn niet even erg, en dat bepaalt hoe je met je uitslag omgaat.

  • Een onterecht lage uitslag schrikt je op en stuurt je naar de huisarts. Vervelend, maar het eindigt bij een onderzoek dat je toch al wilde.
  • Een onterecht gunstige uitslag is het probleem. Die geeft je een reden om nog een halfjaar niets te doen, terwijl er wel iets is.

Daarom geldt: een gunstige thuistest is geen vrijbrief. Blijft de zwangerschap uit, dan hoort er hoe dan ook een arts bij — ook met twee gunstige testen op zak.

Wat een thuistest helemaal niet ziet

Concentratie is één van de vier dingen die tellen. Beweeglijkheid, vorm en volume blijven buiten beeld. Er bestaan thuistesten die wél naar beweeglijkheid kijken; die zijn duurder en meten alsnog niet alles.

Je kunt dus ruim boven de drempelwaarde zitten en toch een probleem hebben dat alleen een laboratorium ziet. Dat is geen tekortkoming van een bepaald merk, het is de grens van wat je thuis kunt doen.

Waar hij dan wél voor is

Voor de vraag die mannen in de praktijk hebben voordat ze aan een traject beginnen: zit ik ergens in de buurt van normaal, of helemaal niet? In tien minuten, zonder wachtkamer. Zie je een duidelijke uitslag onder de grens, dan weet je dat het onderzoek bij de huisarts geen vrijblijvende stap meer is.

Onze Vruchtbaarheidstest Man is zo'n test, en er zitten er twee in een doos — precies omdat één meting het probleem is dat dit hele artikel beschrijft. Wat de test meet en hoe je hem goed uitvoert, staat in Een vruchtbaarheidstest voor de man: wat meet je eigenlijk?.

Kort samengevat

  • Een thuistest geeft boven of onder een grens, geen getal.
  • Het percentage op de doos geldt voor de validatie, niet voor jouw losse uitslag.
  • Vlak bij de drempelwaarde is de kans op een fout het grootst.
  • De meeste fouten komen door het monster, niet door de test.
  • Een gunstige uitslag sluit niets uit; blijft het uit, ga dan alsnog naar de huisarts.

Een zelftest geeft een betrouwbare eerste indicatie, maar vervangt geen medische diagnose. Bevestig een positieve of twijfelachtige uitslag altijd bij een arts of de GGD.

Bekijk de zelftesten

Verder lezen

Hier heb je waarschijnlijk ook iets aan

Alle artikelen

BellenBekijk alle testen